Boeren en het ‘nieuwe werken’ in Benin

Problematiek

De armoede-index ligt hier op 56 procent tegen een landelijk gemiddelde van 37,4 procent. Dat betekent dat meer dan de helft van de bevolking leeft onder het bestaansminimum. Dit alles resulteert in een slechte toegang tot voedsel in elke tijd van het jaar, maar voornamelijk in de periode van juni tot augustus.

Een van de belangrijkste redenen van de slechte voedselzekerheid in Banikoara is niet onvoldoende productie, maar hoofdzakelijk het slecht voorraadbeheer. De oogst wordt of meteen doorverkocht – met slechte prijzen als gevolg, of gaat voor een te groot deel verloren door slechte voorraadruimtes.

Verder is het noorden van Benin wat voedselvoorziening betreft sterk afhankelijk van het regenseizoen. De laatste jaren zorgden zware regenbuien voor overstromingen; grote gedeelten van het gewas werden door het water weggespoeld, waardoor delen van de oogst mislukten. Het regenseizoen duurt maar heel kort. In 2011 werden slechts zes regendagen geteld. Kortom, Benin kent een traditie van grote regenval, afgewisseld door periode van zware droogte. Dat vereiste een specifieke wijze van landbouw bedrijven!

Het project: Boeren en het ‘nieuwe werken’ in Benin

In feite bestaat het project uit drie belangrijke strategieën. In de eerste plaats is de doelstelling om de opbrengst van landbouw duurzaam te verhogen, dus zonder dat het ten koste gaan van het milieu. In de tweede plaats werkt men aan verbetering van de voedselopslag en dus de voorraadbeheer. In de derde plaats staat gewassendiversificatie centraal. Ook dat heeft als doel de oogstopbrengst te verhogen. In de vierde plaats richt het project zich op de verbetering van de voeding van kinderen, mede door de moeder erbij te betrekken.

Goed voorbeeld doet goed volgen. Dat is het motto van partnerorganisatie DEDRAS in Benin bij de concrete invulling van het voedselproject in Banikoara. Daarom worden 30 voorbeeldboeren in 15 dorpen getraind om als het ware te fungeren als ambassadeur van het nieuwe werken. Ook werkt DEDRAS met het principe van de Farmers Business School. Per gemeenschap worden 25 boeren geselecteerd om getraind te worden. Ze volgen een vijfdaagse, intensieve cursus, met vakken als Hoe verdien ik geld met agrarisch ondernemen, Meer voedsel door beter boeren en Meer inkomsten door gewassendiversificatie. In totaal 225 boeren krijgen zo kennis en inzicht om hun bedrijf op een nieuwe manier in te vullen. 600 boeren krijgen daarnaast een eendaagse training om, heel specifiek, hun graanoogst te stimuleren.

Boeren gaan werken met graanbanken, dat wil zeggen gezamenlijke opslagplaatsen van graan en andere gewassen. Voorheen ging het vaak rotten, in deze voorraadschuren wordt dat voorkomen. Dit jaar wil DEDRAS (weer) tien van deze graanbanken in gebruik hebben en de boeren trainen om er gebruik van te maken. Het project financiert mede de aanleg van deze schuren.

In zes dorpen werkt DEDRAS aan gewassendiversificatie. Het zijn zes dorpen die relatief eenvoudig toegang tot productiewater hebben. De voorbeeldboeren worden hier ingezet om de principes van gewassendiversificatie toe te passen. Gewasdiversificatie is tevens een vorm van risicospreiding. Als het ene gewas minder opbrengst dan gewenst, kan een ander gewas dat compenseren. Een groep vrouwen krijgt op eigen verzoek een training in de productie van sojakaas. Een product dat vanwege het tekort aan vlees en vis kan voorzien in de behoefte aan voedzame eiwitten.

Ten slotte werkt DEDRAS ook ten aanzien van kinderen en voeding met het principe goed voorbeeld doet goed volgen. 18 vrouwen worden getraind en gaan de rol opnemen van consultatiebureau. Deze vrouwen kunnen de kinderen wegen, meten en andere controles toepassen. 120 ondervoede kinderen krijgen een speciaal zorgprogramma, om ze weer op gezonde sterkte te brengen.

Blijf op de hoogte